Naar de inhoud
Keuring · Binnenkort

Vochtonderzoek: de oorzaak vinden, meten en advies geven

Bij een vochtonderzoek zoek je de oorzaak van vocht of schimmel, je meet en je geeft een aanpak. In Keursnel staat dit onderzoek nog als “Binnenkort”: je kunt het er nog niet maken.

Geanimeerde demo: zo gaat een vocht- en schimmelonderzoek. Deze keuring komt binnenkort in Keursnel. Meten op vier hoogtes, Het patroon lezen, De oorzaak kiezen, Advies geven.

Zo verloopt een vochtonderzoek in de praktijk

  1. Melding en eerste bezoek

    Het begint met een melding van vocht of schimmel. Bij het eerste bezoek bekijk je per ruimte waar de plekken zitten en hoe groot ze zijn. Je vraagt ook hoe de bewoners koken, douchen, stoken en ventileren.

  2. Meten

    Je meet de temperatuur en de relatieve vochtigheid van de lucht, en het vocht in materialen. Een CO2-meter zegt iets over de ventilatie. Met een warmtecamera zoek je koudebruggen.

  3. Oorzaken nalopen

    Je loopt alle mogelijke oorzaken na, van condensatie tot lekkage. Vaak spelen er meer tegelijk. Soms meet je temperatuur en vochtigheid over een langere tijd.

  4. Maatregelen en nazorg

    Je schrijft maatregelen op voor elke oorzaak die je vond. Enkele weken later kijk je of ze werken. Dit stappenplan komt uit het kader van Aedes over vochtproblemen in woningen.

Wat is een vochtonderzoek?

Bij een vochtonderzoek zoek je uit waarom een woning last heeft van vocht of schimmel. Daarna geef je een aanpak. Je kijkt naar het gebouw en naar het gebruik van de woning.

De vochtmeting is daar één onderdeel van. Gaat het vooral om schimmel, dan spreek je ook van een schimmelonderzoek.

Het probleem groeit. In het WoonOnderzoek Nederland 2024 zegt 20% van de huishoudens last te hebben van vocht en schimmel. In 2021 was dat 15%.

Bij huurders van een corporatie steeg het van 24% naar 29%. In de particuliere huur ging het van 23% naar 31%.

Waar zit de schimmel? Van de huishoudens met schimmel heeft 59% het in de badkamer. Bij 35% zit het in de slaapkamer, bij 23% in de woonkamer.

Wie doet dit werk? Opzichters en specialisten van woningcorporaties, aannemers en adviseurs met kennis van zaken, en onafhankelijke vocht- en schimmelexperts.

Welke oorzaken van vocht en schimmel zoek je?

Vaak is er niet één oorzaak, maar een combinatie. Soms speelt ook de grondwaterstand mee. Daarom loop je alle mogelijke oorzaken na.

Let ook op verduurzaming. Verduurzamen zonder aandacht voor ventilatie kan nieuwe vochtproblemen geven. Dat geldt ook als er daarbij nieuwe koudebruggen ontstaan.

Dit zijn de oorzaken die je naloopt:

  • Condensatie: veel vocht door koken, douchen en was drogen, met te weinig ventileren of verwarmen.
  • Koudebruggen en inwendige condensatie.
  • Optrekkend vocht en drukkend grondwater.
  • Doorslaand vocht en lekkage.
  • Te weinig voorzieningen om te ventileren.
  • Bouwvocht.

Hoe meet je vocht en ventilatie?

Het kader “Aanpak van vochtproblemen in woningen” van Aedes noemt een vaste set meetmiddelen. Daarmee onderbouw je wat je ziet.

Het kader geeft ook een zoekboom per soort probleem, van condensatie en koudebruggen tot bouwvocht.

Let op: het kader verwijst nog naar het oude Bouwbesluit 2012. Voor de eisen van nu kijk je in het Bbl.

Deze meetmiddelen noemt het kader:

  • Een handmeter voor temperatuur en vocht.
  • Een vochtmeter voor materialen.
  • Meters voor temperatuur en relatieve vochtigheid over een langere tijd.
  • Een CO2-meter om de ventilatie te beoordelen.
  • Een warmtecamera (thermografie) om koudebruggen te vinden.
  • Een endoscoop.

Welke ventilatie-eisen stelt het Bbl (NEN 1087 en NEN 8087)?

Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) geeft minimale capaciteiten voor ventilatie. Voor nieuwbouw gelden andere eisen dan voor een bestaande woning.

Het Bbl geldt sinds 1 januari 2024. Het Bouwbesluit 2012 verviel toen. Wat NEN 1087 en NEN 8087 regelen, lees je bij het begrip NEN 1087.

Bij nieuwbouw bepaal je de capaciteit volgens NEN 1087. Het Bbl vraagt dan 0,9 dm³/s per m² verblijfsgebied en 0,7 dm³/s per m² verblijfsruimte. Elk verblijfsgebied en elke verblijfsruimte krijgt minimaal 7 dm³/s (art. 4.122).

Een ruimte met een kooktoestel vraagt bij nieuwbouw 21 dm³/s. Een toilet vraagt 7 dm³/s en een badruimte 14 dm³/s. Bij de badruimte noemt IPLO als doel: te veel waterdamp en schimmel voorkomen.

Voor spuiventilatie bij nieuwbouw geldt 6 dm³/s per m² verblijfsgebied en 3 dm³/s per m² verblijfsruimte (art. 4.131).

Bij een bestaande woning bepaal je de capaciteit volgens NEN 8087. Dit zijn de eisen:

  • Verblijfsruimte: minimaal 0,7 dm³/s per m², en minimaal 7 dm³/s (art. 3.67).
  • Toilet: 7 dm³/s. Badruimte: 14 dm³/s.
  • Ruimte met een kooktoestel: 21 dm³/s (art. 3.67). Minstens 21 dm³/s gaat rechtstreeks naar buiten (art. 3.71).
  • Spuiventilatie: 3 dm³/s per m² (art. 3.73).

Wat regelt NEN 2778 voor vochtwering?

NEN 2778 heet Vochtwering in gebouwen. De norm geeft methoden om vier eigenschappen van een constructie te bepalen. Het gaat om waterdichtheid, regenwerendheid, wateropname en de temperatuurfactor van de binnenoppervlakte.

NEN 2778:2015 staat op nen.nl als definitief. Met een gratis account kun je de norm inzien via NEN Connect.

NPR 2652 uit 2008 geeft voorbeelden van bouwkundige details voor woningen. Goed uitgevoerd zijn die waterdicht en regenwerend, getest volgens NEN 2778.

Bij nieuwbouw stelt het Bbl ook een eis aan de vloer boven de kruipruimte. Die laat hoogstens 20 × 10⁻⁶ m³ lucht per m² per seconde door, gemeten volgens NEN 2690.

Het Bbl verwijst bij verblijfsruimten, toiletruimten en badruimten naar NEN 2778. Het gaat om deze eisen:

  • Waterdicht naar buiten, zoals dak en gevel: art. 3.64 (bestaande bouw) en 4.118 (nieuwbouw)
  • Waterdicht naar de kruipruimte: dezelfde artikelen
  • Bestaande bouw: wateropname in de badruimte tot 1 m boven de vloer (art. 3.65)
  • Nieuwbouw: wateropname in toilet en badruimte tot 1,2 m boven de vloer (art. 4.120)
  • Nieuwbouw: een temperatuurfactor van minstens 0,65 bij een woning (art. 4.119)

Wanneer is een onafhankelijke expert nodig?

Over de oorzaak kan discussie ontstaan: ligt het aan het gebouw of aan het wonen? Ook komt schimmel soms terug na eerdere maatregelen.

Het Rijk trekt van 2027 tot en met 2029 € 2 miljoen per jaar uit voor vocht- en schimmelexperts. In dat plan betalen verhuurders 75% van een onderzoek. Het Rijk betaalt 25%, via gemeenten. Het Rijk verwacht ongeveer 4.600 onderzoeken per jaar.

De expert schrijft een onafhankelijk rapport met conclusies en aanbevelingen. Het Aedes-kader raadt zo'n specialist ook aan bij terugkerende meldingen en complexe schade. Dat geldt ook bij een rechtszaak of een zaak bij de Huurcommissie.

De Huurcommissie doet bij een gebrekenprocedure zelf bouwkundig onderzoek in de woning. De huurder moet het gebrek eerst bij de verhuurder melden. Bij ernstig vocht dat de huurder niet zelf veroorzaakte, kan de Huurcommissie de huur tijdelijk verlagen.

Volgens de Nationale Prestatieafspraken komt er een onafhankelijke expert in deze gevallen:

  • De oorzaak is onduidelijk: ligt het aan het gebouw of aan de bewoning?
  • Corporatie en huurder komen er samen niet uit.
  • De schimmel komt terug, ook na eerdere maatregelen.

Wat staat er in een goed vochtrapport?

Een goed rapport is onafhankelijk opgesteld en geeft conclusies en aanbevelingen. Het maakt onderscheid tussen het gebouw of de installaties en het gebruik van de woning. Het Aedes-kader legt het eerste bij de corporatie en het gebruik bij de huurder.

Ook de plek en de grootte van de vlekken doen ertoe. Die bepalen of het voor de Huurcommissie een ernstig gebrek is.

Gaat het om optrekkend of doorslaand vocht in een verblijfsruimte? Dan telt het in het algemeen vanaf 0,25 m². In overige ruimten, zoals een berging, kelder, gang of toilet, is dat vanaf 1 m².

Schimmel door condensatie op plafond of wanden van een verblijfsruimte telt ook vanaf 0,25 m². Dat geldt als een technische tekortkoming de oorzaak is. Een ruimte die door vocht niet meer te gebruiken is, is ook een ernstig gebrek.

Dit hoort in een goed vochtrapport:

  • Alle onderzochte oorzaken, met de oorzaak of oorzaken die je vond.
  • De metingen, met de ruimte en de plek van elke meting.
  • Per ruimte de plek en de oppervlakte van de vlekken.
  • Waar het past: de ventilatie naast de eisen van het Bbl.
  • Maatregelen voor elke oorzaak die je vond.
  • Een controle enkele weken na de maatregelen.

Wat kan Keursnel nu al, en wat komt later?

Het vocht- en schimmelonderzoek staat in Keursnel als “Binnenkort”. Je kunt het nog niet kiezen. Er is geen datum, en welke functies er komen, staat nog niet vast.

Vocht kom je nu al tegen in de bouwkundige keuring. Het sjabloon heeft daarvoor de hoofdstukken “22 Optrekkend vocht” en “14 Ventilatie”. Is meer onderzoek nodig? Dan kun je het oordeel “nader onderzoek” geven.

Er zijn ook rijen voor een vochtmeting: in de badkamer, onderaan de muren en bij de schoorsteen. Daar kies je de uitkomst van je meting. Keursnel toetst niet aan NEN 2778. Bij hoofdstuk 14 zegt het sjabloon dat de ventilatie op het oog is beoordeeld, zonder meting van de hoeveelheid lucht.

De NHG-bijlage heeft een eigen code voor dit onderwerp: B.5 Ventilatie/vocht. Posten met het oordeel “nader onderzoek” staan in de NHG-bijlage bij de opmerkingen.

Met een betaald plan komt het rapport in de huisstijl van je bureau. Doe je vochtonderzoek en wil je dat later in Keursnel doen? Laat het weten via de contactpagina.

Dit kun je nu al gebruiken in de bouwkundige keuring:

  • Foto's met pijl, cirkel, kader, genummerde markering en maatstreep. De oorspronkelijke foto verandert nooit.
  • De opnametijd van de foto, uit het bestand zelf (Exif).
  • Gemaakt om zonder internet te werken: wijzigingen en foto's gaan later naar de server.
  • Team en rollen: hoofdadmin, beheerder en teamlid.
  • Een rapport met een controlegetal, dat na het opleveren niet meer verandert.
  • Een geheime deellink per rapportversie, die je kunt intrekken.

Veelgestelde vragen

Kan ik dit nu al in Keursnel doen?

Nee, nog niet. Het vocht- en schimmelonderzoek staat in Keursnel als “Binnenkort”, en er is geen datum. Zie je vocht tijdens een bouwkundige keuring? Dan leg je het onder meer vast in de hoofdstukken “22 Optrekkend vocht” en “14 Ventilatie”.

Welke meetmiddelen gebruik je voor een vochtmeting?

Het Aedes-kader noemt een handmeter voor temperatuur en vocht, en een vochtmeter voor materialen. Ook noemt het meters voor metingen over een langere tijd, een CO2-meter voor de ventilatie en een endoscoop. Met een warmtecamera vind je koudebruggen. Welke je inzet, hangt af van de oorzaak die je zoekt.

Wat kost een vochtonderzoek?

In een Kamerbrief van april 2026 rekent het Rijk met gemiddeld € 1.500 tot € 2.000 per woning. Dat bedrag gaat over onderzoek door een onafhankelijke expert in een huurwoning. De brief zegt niet of het bedrag inclusief of exclusief btw is. Wat jouw bureau rekent, bepaal je zelf.

Welke ventilatie-eisen gelden voor een bestaande woning?

Het Bbl vraagt voor een verblijfsruimte minimaal 0,7 dm³/s per m², en minimaal 7 dm³/s. Een toilet vraagt 7 dm³/s, een badruimte 14 dm³/s en een keuken 21 dm³/s. Je bepaalt de capaciteit volgens NEN 8087.

Wanneer is schimmel een ernstig gebrek voor de Huurcommissie?

Schimmel door optrekkend of doorslaand vocht telt in een verblijfsruimte in het algemeen vanaf 0,25 m². In overige ruimten, zoals een berging, kelder, gang of toilet, is dat vanaf 1 m². Schimmel door condensatie telt in een verblijfsruimte ook vanaf 0,25 m², als een technische tekortkoming de oorzaak is. Dat staat in het Beleidsboek Gebreken van de Huurcommissie (juli 2026).

Hoe laat ik weten dat ik interesse heb?

Stuur een bericht via de contactpagina. Vertel welk soort vochtonderzoek je doet en wat er in je rapport moet staan. Zo weet Keursnel wat vochtonderzoekers nodig hebben.

Keuren zonder gedoe achteraf

Leg de keuring vast op locatie. Keursnel rekent de kosten uit en maakt het rapport met NHG-bijlage.